Deze vraag sluit namelijk goed aan op het doel van het KDB project namelijk bijdragen aan de realisatie van een schone, rendabele en natuurinclusieve bollenteelt. In de gesprekken werd geïnventariseerd in welke maatregelen de meeste interesse uitging; maatregelen bij de sloot, in de bodem of op het perceel. De voorkeur ging uit naar met name maatregelen in de bodem. Er waren een aantal telers die al maatregelen hadden getroffen om de biodiversiteit te verhogen. Daarmee gaan we verder in gesprek om te leren van hun ervaringen en te bespreken hoe we dit met andere telers kunnen delen.
De kennis opgedaan uit het Demoveld Bollenstreek, studentenonderzoek en Regiocertificering komen samen in het Kennisplatform Duurzame Bollenstreek. Alles met het oog op het ontwikkelen van een schone, rendabele en natuurinclusieve bollenteelt.
Dit project wordt medegefinancierd door de Europese Unie en provincie Zuid-Holland.
In goed bezochte bijeenkomst bij Unmanned Valley gaf Tamme van der Wal (van Aerovision) een overzicht van de ontwikkelingen. Door verschillende lagen van data op elkaar te leggen ontstaat een beeld van de bemesting, de groei en de te verwachte oogst van broccoli op een perceel. Maar ook: hoe kom je tot een gesloten systeem: van herkenning tot handelingen (via een taakkaart op een werktuig) naar terugkoppeling (wat heb ik dan aan bemesting gegeven of aan onkruid weggehaald?) en wat is het effect ervan?
Resultaten RS4F
Walter Kort (van Unmanned Valley) deelde de resultaten van RS2 . Botrytisherkenning (en voorspelling) is nog niet mogelijk. Wat wel duidelijk is geworden: dat de combinatie van sensoren (bladvochtigheid, windrichting) en drone- en spacetechnologie een logische is. En in de tussentijd is ook duidelijk geworden dat een aantal telers staat te popelen om nieuwe technologie toe te passen, maar het werken ermee begeleiding nodig heeft door een onafhankelijke partij en daarbij nieuwe manieren van leren en innoveren.
Samenwerking
Deze slotbijeenkomst hebben we gecombineerd met Ondernemers in de Lead van Keukenhof. In de groepsdiscussies hebben we opgehaald welke behoeften er zijn om verder te kunnen gaan met nieuwe technologie. Dit wordt de komende tijd verwerkt. De eerste indruk: vooral de behoefte om hier praktijkgericht mee aan de slag te gaan op de bedrijven. Het was een avond met nieuwe verbindingen, veel vragen en dus ook betrokkenheid.
De aanvraag Remote Sensing die door de RegioDeal is goedgekeurd, is ingediend door EBDB, UMV en NL Space Campus. Dus zonder Keukenhof en Greenport Duin- en Bollenstreek. Remote Sensing gaat nu door met de ziekteherkenning en governance vraagstukken (van wie is de data etc). Keukenhof wil een separaat initiatief opzetten met een ‘klasje’ van telers die worstelen met de vraag ‘Ik heb een drone en nu?’.
De leerlingen van Basisschool Opmaat kregen de felbegeerde award in handen na hun inzet tijdens de Tuinbouw Battle. De klas won in hun ronde en maakte – mede daardoor – kans op de hoofdprijs. Nico van der Poel, vrijwilliger bij de Tuinbouw Battle, klom op het podium om de prijs te overhandigen.
Nico van der Poel: “Ik ben trots op de inzet van alle kinderen die hebben meegedaan aan de Tuinbouw Battle dit jaar. Ongekend veel enthousiasme! Basisschool Opmaat blonk uit door hun samenwerking, ze maakten prachtige foto’s van het proces van bol tot bloeiende tulp en ze hadden ook nog eens een prachtig bedrag opgehaald voor het goede doel.”
Als kers op de taart gaan de leerlingen, naast dat ze met de award naar huis gaan, per bus naar de Tulip Experience in Noordwijkerhout.
Winnaar speurtocht
Naast het winnen van de award deden een aantal leerlingen mee met het NK Tulpenkeuren. Van elke klas was er één leerling die, na oefenen op school, een wildcard won voor het NK. Op vrijdag 27 maart was het NK met de speciale basisschoolkeuring en vielen twee leerlingen uit Zuid-Holland in de prijzen. Nummer drie en nummer één van het NK werden op deze Vroegbloeiersochtend gehuldigd op het podium.
De speurtocht die ook onderdeel was van deze ochtend leverde, naast een hoop extra kennis, ook een prijs op voor de klas die de meeste vragen goed had. De vragen gingen over de Tuinbouw Battle, de sierteelt en het Bloemencorso Bollenstreek, zo werd de opgedane kennis van de leerlingen getest. Van de Johannesschool had groep 8A de meeste vragen goed en zij winnen een uitje naar De Tulperij in Voorhout.
Remon Blok (Rabobank) overhandigde de prijs uit aan een uitgelaten klas! “Meedoen met de Tuinbouw Battle heeft een sociaal component, daar naast levert kennismaken met de sierteelt indirect een bijdrage aan de brede welvaart in de streek. De sector is tenslotte een grote werkgever, dus het feit dat de leerlingen op deze leeftijd leren en ontdekken in het groen is prachtig.”
Vier de Lente Vroegbloeiers
Vier de Lente Vroegbloeiers is ontstaan als ‘jonge zusje’ van Bloemencorso Bollenstreek om op een verjongende manier kennis van het bollenvak, sierteelt en de streek over te dragen op de nieuwe generatie! Dit is een belangrijke voorwaarde voor de bijschrijving van het Bloemencorso op de UNESCO Werelderfgoedlijst. De Tuinbouw Battle is een prachtige manier om leerlingen van groep 7/8, de zogenaamde ‘Vroegbloeiers’ te enthousiasmeren.
Programmamanager Greenport Duin- en Bollenstreek, Maarten Prins: “Ik ben trots op het project Tuinbouw Battle. Op een laagdrempelige manier en spelenderwijs maken kinderen kennis met de verschillende aspecten van de sierteelt. Zo leren ze dat de sector meer is dan buiten werken in het groen en juist heel veelzijdig is. En als je juf ieder jaar vrij neemt om te gaan steken bij het Bloemencorso Bollenstreek, weet je dat dit iets bijzonders is.”
Leren en werken in het groen
Greenport Duin- en Bollenstreek draagt met de organisatie van de Tuinbouw Battle bij aan de promotie van leren en werken in de sierteelt. Op een speelse manier komen de kinderen in aanraking met de sierteelt en alle aspecten die daar bij horen: verzorging, marketing, verpakking, verkoop, stuksprijs en het maken van een verslag. Als afsluiting wordt de finale van de Tuinbouw Battle georganiseerd op het podium van Bloemencorso Bollenstreek, op deze manier krijgen de kinderen ook hier een inkijkje.
Meedoen met de Tuinbouw Battle? Geef je op!
Eva van der Kwast (organisator Tuinbouw Battle): “Het project Tuinbouw Battle draait nu een aantal jaar en ook in het najaar van 2026 en het voorjaar van 2027 gaat de battle weer van start. Ik nodig alle basisscholen (groep 7/8) uit de regio op om mee te doen! Het project wordt volledig verzorgd en deelname is gratis. Geef je dus op en wie weet sta jij met jouw klas volgend jaar op het podium tijdens de finale. Aanmelden kan via: eva@greenportdb.nl.”
Volgens Mulder zit daar precies de meerwaarde. “Het geeft een methodiek om inzichtelijk te maken waar je staat als bedrijf. Daarmee kun je richting omgeving en overheid onderbouwen dat je werkt aan een duurzame bollenteelt, met een economisch en ecologisch verantwoorde impact. Die balans is cruciaal en zorgt voor draagvlak.”
Advies aan de keukentafel, met data als basis
Als teeltadviseur speelt Mulder een directe rol in dat proces. “Het gebeurt aan de keukentafel. Samen kijken we naar de kritische prestatie-indicatoren (KPI’s): waar sta je, waar zitten de knelpunten en waar kun je verbeteren?” Die KPI’s – bijvoorbeeld op het gebied van milieubelastingspunten en het gebruik van probleemstoffen – vormen de basis voor het advies. “Zo kijken we concreet naar bemesting en de voorgenomen bespuitingen: wat kan slimmer en met minimale impact op de omgeving?” “De basis daarvoor is data vanuit de teeltregistratie”, vervolgt Mulder. “Binnen Regiocertificering wordt de teeltregistratie opgehaald en vertaald naar KPI’s. Ongeveer 60 procent van de deelnemende kwekers werkt met ons teeltregistratiesysteem GMN Crop. We kijken nu samen met Schuttelaar & Partners hoe we dit systeem kunnen koppelen aan Farmmaps, zodat dataverzameling efficiënter wordt en minder tijd kost. Via Farmmaps kunnen de KPI’s vervolgens automatisch berekend worden.” De onderbouwing voor de adviezen komt onder andere uit praktijkonderzoek. “Zo doen we op de proeftuin van het Expertisecentrum Bloembollenteelt in Breezand onderzoek naar de inzet van biostimulanten en gewasbeschermingsmiddelen met een groen profiel. Die kennis nemen we mee naar de kweker. Want soms kun je met een ander middel hetzelfde resultaat bereiken, maar met minder impact op de omgeving, dus minder milieubelasting.”
Meer bewustwording, andere keuzes
Regiocertificering zorgt voor verandering in de praktijk. “Ik merk dat kwekers bewuster keuzes maken”, zegt Mulder. “Denk aan het gebruik van grovere spuitdoppen om pendimethalin te spuiten of het vervangen van een probleemstof die in het water wordt gevonden door een geschikt alternatief.” Ook bij ziektebestrijding verschuift het denken. “Zo wordt bij vuurbestrijding het middelenpakket steeds kleiner. Dan ga je actief op zoek naar alternatieven die minder belastend zijn voor het milieu, zonder dat je inlevert op resultaat.”
“Het zijn soms echt kleine aanpassingen met een groot effect”
Samenwerken aan één lijn
Binnen Regiocertificering overleggen teeltadviseurs van Agrifirm-GMN en Delphy onder meer over gezamenlijke adviesrichtlijnen. “Die zorgen ervoor dat we op specifieke onderwerpen en KPI’s vanuit dezelfde uitgangspunten adviseren”, legt Mulder uit. Die richtlijnen worden regelmatig aangescherpt. “Op basis van nieuwe inzichten kijken we wat werkt en wat niet. En hoe we ervoor zorgen dat maatregelen ook echt uitvoerbaar zijn in de praktijk.” Praktische tips spelen daarin een belangrijke rol. “Bijvoorbeeld: gebruik voor toepassing van bodemherbiciden in de winter een grovere spuitdop dan voor de gewasverzorging in het voorjaar. Of kijk in hyacint, narcis of bijgoed of je gebruik kunt maken van bodemherbiciden zonder pendimethalin. Het zijn soms echt kleine aanpassingen, met een groot effect.’’
Hardnekkige uitdagingen blijven
Tegelijkertijd zijn er nog knelpunten. “Voor sommige teelten zijn we echt afhankelijk van bepaalde middelen zoals pendimethalin. Daarvoor is met name in de tulpenteelt geen goed alternatief.” Om deze middelen te behouden, blijft emissie een groot aandachtspunt. “We moeten alles op alles zetten om te voorkomen dat middelen in het water terechtkomen door zo zorgvuldig mogelijk te werken.” Die zorgvuldigheid zit vaak in praktische keuzes op het erf en in het veld, van spuittechniek tot driftbeperking, zoals Agrifirm recent toelichtte in een artikel met tips uit de praktijk.
Van meten naar sturen
De komende jaren moeten laten zien dat de aanpak van Regiocertificering werkt. “We moeten kunnen aantonen dat de milieubelasting daalt en dat we minder probleemstoffen in het water terugzien.” Daarmee sluit Regiocertificering aan op een bredere ontwikkeling richting doelsturing. “Kwekers willen zelf aan de knoppen zitten. Deze aanpak helpt om dat onderbouwd te doen, gericht toe te werken naar een doel, met data als basis.”
De bijeenkomst vond plaats bij bollenkwekerij en handelsbedrijf J. Heemskerk & Zn in De Zilk en bracht vertegenwoordigers samen van de provincie, Greenport Duin- en Bollenstreek, Hoogheemraadschap van Rijnland en van de gemeenten Hillegom, Lisse, Teylingen, Noordwijk en Katwijk. Gedeputeerde Anne Koning is al eerder in de streek in gesprek gegaan (o.a. bij de eindbijeenkomst van Living Lab B7) en zo ook nu voor dit verdiepende overleg, met aansluitend een rondleiding langs de bollenvelden en vervolgens een bliksembezoek aan Keukenhof.
Samenwerking staat stevig, nu doorpakken
De Alliantie Bollenstreek benadrukte dat de samenwerking tussen ondernemers, overheden en organisaties (triple helix) de afgelopen jaren veel heeft opgeleverd. We hebben bijvoorbeeld waardevolle input kunnen leveren bij de vaststelling van het PLGDG, Programma Landelijk Gebied en Duurzame Greenport Duin- en Bollenstreek. Tegelijkertijd werd duidelijk dat de volgende stap nodig is: het uitvoeren van plannen die er al liggen.
“De samenwerking staat als een huis,” zei dagvoorzitter Piet Dijkzeul. “Maar het is nu tijd om door te pakken en ervoor te zorgen dat inwoners en ondernemers ook echt resultaat gaan zien en ervaren in hun omgeving.”
Welke thema’s spelen er in de Bollenstreek?
Tijdens het overleg kwamen drie belangrijke thema’s aan bod die direct raken aan het dagelijks leven in de regio:
1. Duurzame bollenteelt
Naast deelname aan Regiocertificering (www.regiocertificering.nl) werken telers aan een schonere en duurzamere manier van telen door proeven en onderzoeken te doen onder andere op het Demoveld Bollenstreek en het Ecologisch Proefveld – met aandacht voor waterkwaliteit, biodiversiteit en minder uitstoot. Innovaties zoals slimme technieken en robots helpen daarbij. De Alliantie gaf aan dat extra steun nodig is om deze ontwikkelingen verder op te schalen.
2. Ruimte voor wonen én landschap
De druk op de ruimte in de Bollenstreek neemt toe, onder andere door woningbouw en energievraagstukken. Tegelijkertijd blijft er veel waardering voor het open landschap en de kleurrijke velden. De Alliantie pleit ervoor om nieuwe woningen vooral binnen dorpen en aan de randen te bouwen, zodat het karakter van de streek behouden blijft.
3. Van overleg naar uitvoering
Er liggen al veel plannen en er zijn samenwerkingen, bijvoorbeeld binnen het Zuid-Hollands Programma Landelijk Gebied (ZH-PLG) en Duurzame Greenport. De Alliantie vindt het belangrijk om nu duidelijke afspraken te maken: wie doet wat, en wanneer? Ook wil zij betrokken blijven bij de verdere uitwerking.
“De Alliantie Bollenstreek laat zien dat in het gebied echt verantwoordelijkheid wordt genomen. Wat goed en belangrijk! De Bollenstreek is prachtig. We blijven onze schouders eronder zetten,” zegt provinciebestuurder Anne Koning. “Nu is het tijd om nog concreter te worden.”
Oproep: samen verantwoordelijkheid nemen
De Alliantie Bollenstreek roept de provincie en andere partners op om gezamenlijk verantwoordelijkheid te nemen voor de uitvoering van de plannen. Met duidelijke afspraken en goede samenwerking kan de Bollenstreek zich blijven ontwikkelen als een sterke regio waar het prettig wonen, werken en recreëren is. Waar het open landschap blijft, de teelt verduurzaamd is en ingespeeld wordt op klimaatverandering en verzilting, en er ruimte is voor natuur.