Yuverta-toegepaste-biologie

Yuverta start opleiding Toegepaste Biologie: Met je laarzen in het veld en de kennis in je hoofd 

Yuverta Aalsmeer is dit schooljaar gestart met de mbo-opleiding Toegepaste Biologie. Een groep gemotiveerde studenten, voor wie biologie het favoriete vak is, heeft bewust gekozen voor deze opleiding. Ze willen niet alleen leren over planten, dieren en ecosystemen, maar die kennis ook direct toepassen in de praktijk. Buiten zijn, met hun laarzen in het veld, meten, analyseren en meewerken aan een duurzame leefomgeving. Tijdens de opleiding krijgen studenten les in uiteenlopende vakken zoals ecologie, planten- en dierkunde, bodemkunde, geologie en landschapsanalyse. Ze leren natuur- en milieuproblemen te onderzoeken en analyseren, en brengen veel tijd door in het veld. Denk aan het nemen van bodem- en watermonsters, het uitvoeren van metingen op luchtkwaliteit en geluid, en het herkennen van verschillende landschapstypen en ecosystemen.

Leren in én van de natuur – met Artis als leslocatie 

Een bijzonder element van deze opleiding is de samenwerking met dierentuin Artis. Studenten volgen twee dagen per week les in het Amsterdamse dierenpark, twee dagen op de locatie in Aalsmeer, en besteden één dag per week aan praktijkgericht veldonderzoek.

“Wat deze opleiding uniek maakt, is de combinatie van leren, onderzoeken én doen,” vertelt docent L. Duiveman. “Je leert hoe ecosystemen werken, maar gaat ook echt de natuur in om data te verzamelen. Via projecten van natuurorganisaties, gemeenten en ecologische adviesbureaus maken studenten direct kennis met het werkveld.”

Klaar voor werk of doorleren

Na het behalen van het diploma kunnen studenten aan de slag bij ecologische adviesbureaus, overheden zoals gemeenten, provincies of waterschappen, bij organisaties die zich richten op natuur- en milieubeheer of aan de slag als veredelaar in de tuinbouw. Ook doorstuderen aan het hbo is een logische vervolgstap, met vervolgopleidingen als Toegepaste Biologie, Milieukunde, Tuin- en akkerbouw, Bos- en Natuurbeheer, Land- en Watermanagement of Kust- en Zeemanagement bij onder andere HAS Hogeschool of Van Hall Larenstein.

Meer weten?

Yuverta organiseert regelmatig open dagen en meeloopdagen voor geïnteresseerden. Kijk op de website van Yuverta voor meer informatie over de opleiding en aanmeldmogelijkheden.

Peter Heemskerk (midden) juicht bij een doelpunt van Rijnsburgse Boys

Katwijkse verenigingsleven profiteert van sierteeltsector. ’Zonder de sierteelt wordt het hier echt schakelen’

Zaterdagmiddag 3 mei. Rijnsburgse Boys speelt tegen De Treffers. De wedstrijd is vervroegd, er is een optocht en later op de dag speelt rivaal Quick Boys ook nog een wedstrijd. Allemaal redenen dat het vandaag niet zo druk is in de Businessclub van Rijnsburgse Boys. Van de tweehonderd Businessclubleden is ongeveer de helft gekomen om te kijken naar de voetbalwedstrijd, maar ook om met elkaar te praten. ,,Het helpt als je voetbal leuk vindt, maar het zijn hier ook veel vriendenclubjes én ondernemers die elkaar tegenkomen’’, vertelt Peter Heemskerk, sinds een jaar voorzitter van de Businessclub van Rijnsburgse Boys.

De Rijnsburgse voetbalclub speelt in de hoogste amateurdivisie. Om dat niveau te handhaven, is geld nodig voor de spelers, de trainers en de accommodatie. Op het complex aan de Noordwijkerweg liggen niet alleen velden met wat kleedkamers, maar de spelers beschikken ook over een professioneel fitnesshonk en een ruimte voor fysiotherapie. Die faciliteiten zijn mede mogelijk door de inkomsten van tientallen sponsoren, maar ook van de leden van de Businessclub. ,,De Businessclub is zeker goed voor 30 procent van de omzet’’, schat Heemskerk in. ,,Zonder inkomsten uit de Businessclub wordt het lastiger om zo hoog te blijven presteren. Dit niveau schuurt tegen betaald voetbal aan.’’

Veel van de leden vormen hechte vriendengroepjes die al jaren gezamenlijk van het voetbal komen genieten. Als lid hebben ze altijd een kaart voor een thuiswedstrijd, consumpties in het eigen sponsorhome zijn inbegrepen en daarnaast zijn er extra activiteiten zoals optredens en een slotavond. Deze zaterdagmiddag tuurt lijnrijder op Zuid-Duitsland Ben Vletter geconcentreerd naar het veld waar de thuisclub binnen een paar minuten op voorsprong is gekomen. ,,Ik heb geel-zwart door de aderen vloeien. Mijn kinderen spelen bij de club, en dus wil je wat terugdoen voor de club. Bovendien is het ook even weg van de vrouw’’, zegt hij met een grijns. Edwin van den Eijkel met een groothandel in Noord-Frankrijk knikt instemmend. ,,Van dinsdag tot donderdag ben je weg en dit is leuk voor de zaterdag. Met een biertje en wijntje met de vrienden naar de voetbal.’’

Behalve voor de voetbal en het samenzijn met bekenden en vrienden komt een deel van de leden ook voor de eigen business. Niet dat er tijdens de wedstrijden laptops worden opengeslagen om contracten af te sluiten, maar ondernemers leren elkaar hier kennen. Altijd handig als je later nog eens een schilder, aannemer of stoffeerder zoekt. Chris Hogewoning, die al jarenlang de businessclub runt, weet dat het hier vooral om de ’gunfactor’ gaat. ,,Dat gaat dan op zijn Rijnsburgs van ,,Hé joh, ik kom van de week even langs en dan maken we het af.’’ Businessclubvoorzitter Heemskerk vult aan: ,,Er komen hier allerlei ondernemers die elkaar op een laagdrempelig manier ontmoeten. Zo kunnen ze elkaar helpen, zeker in de dorp als Rijnsburg. Het overgrote deel van de leden, 70 procent, komt ook uit Rijnsburg of heeft Rijnsburgse roots.’’

Uientoernooi

Hij schat dat zeker 40 tot 50 procent van de ondernemers uit de sierteeltsector, handel en tuinders, komen. Daarbovenop komen nog de bedrijven die werken voor deze sector zoals een administratiekantoor of een carrosseriebouwer. Uiteindelijk gaat het wel om 70 procent, denkt Hogewoning. Voorzitter Heemskerk: ,,Zonder die sierteeltsector wordt het echt schakelen voor de club.’’

Dat laatste denkt ook voorzitter Koos van Rossum, die tijdens de rust van de wedstrijd aan de speciale bestuurstafel aanschuift ,,In dit dorp wordt geld verdiend met de bloemen en dat merk je bij de club. Hier in de businessclub maar we krijgen ook veel in natura. Denk aan de bloemen op de tafels of voor de speler van de maand. Het is altijd van ’zeg maar wat je nodig hebt’ en het gebeurt. Laatst nog met het ’uientoernooi’ voor 1.300 kinderen moesten er overal doeltjes worden gehaald. Dan staan er gelijk vrachtwagens klaar, zonder transportkosten voor de club.’’  De voorzitter merkt wel dat het lastiger wordt om voldoende inkomsten binnen te halen door de schaalvergroting bij de handelsbedrijven. Tien kleine bedrijven die elk duizend euro sponsoren, zijn gemakkelijker te vinden dan één groter bedrijf dat tien mille schenkt.

Dan is zijn aandacht weg. De comfortabele voorsprong van 2-0 is door een tegentreffer in blessuretijd verdwenen en de wedstrijd is opeens spannend geworden. Een zucht van opluchting gaat door de tribune als het eindsignaal fluit. De drie punten zijn binnen én het is tijd voor de borrel en de hapjes. Met vrienden en wellicht ook nog met wat business.

Oranjevereniging

Rijnsburgse Boys is niet de enige vereniging waarbij de sponsorinkomsten een belangrijke rol spelen. De Oranjevereniging Rijnsburg, een van de grootste Oranjeverenigingen van Nederland, haalt zo’n 80 procent van de inkomsten uit sponsoring. Zo’n 60 procent van die bedrijven verdient het geld in de sierteeltsector, veelal de handel, of heeft indirect met de sierteeltsector te maken. Secretaris Ida Zwaan: ,,We hebben ook inkomsten omdat de leden vijf euro per persoon betalen. Daarnaast krijgen we voor sommige activiteiten als Dodenherdenking gemeentelijke subsidie. Maar voor alle andere festiviteiten zoals de feestweek is dat niet het geval. Dus wat als de sierteeltsector omvalt? Dat zou hier zeker een dingetje zijn.’’

Naast de bedrijven krijgt de Oranjevereniging steun van agrariërs die via de Agrarische Vereniging Katwijk het kindercorso financiert. Royal FloraHolland stelt gratis ruimte ter beschikking. Ook worden een dag niet verkochte bloemen ter beschikking gesteld aan het kindercorso. ,,Dat is voor ons super belangrijk. Het steken van zo’n driehonderd fietsjes, skelters en steppen gebeurt door vrijwilligers, maar die wil je verzorgen met een broodje en koffie. Daarnaast moet er oase worden gekocht, wellicht bloemen plus er is muziek tijdens het kindercorso.’’

Versmolten

Ook de jaarlijkse Flower Parade, die afgelopen weekeinde (15-17 augustus) weer door de dorpen trok, bestaat bij gratie van het sierteeltcomplex. Het evenement waarbij een bloemenstoet van praalwagens, luxewagens en muziekkorpsen van Rijnsburg naar Noordwijk rijdt wordt grotendeels bekostigd door sierteeltbedrijven. Gijs Ravensbergen (72) loopt al 25 jaar mee in het corsobestuur. Hij tekent praalwagens, onderhoudt contact met Royal FloraHolland, maar gaat ook langs de sponsoren. Hij schat dat 60 procent van de kosten worden betaald door de sierteeltbedrijven. Het gaat om bedrijven die als deelnemer een praalwagen hebben, met een luxewagen meerijden of een bijdrage doen in natura of in geld. ,,Kwekers die bloemen ter beschikking stellen, maar ook FloraHolland die faciliteiten biedt zoals een plek voor de op- en afbouw en het corsofeest. Ook dit kantoortje kunnen we gebruiken. De Flower Parade is echt met FloraHolland versmolten.’’ Die nauwe band met het veilingbedrijf plus de inbreng van sierteeltbedrijven is logisch, want de Flower Parade promoot uiteindelijk hun producten namelijk de bloemen.

De bloemenstoet krijgt ook geld van de gemeenten Katwijk en Noordwijk, maar die krijgen daar een praalwagen voor terug. Daarnaast regelt en betaalt het corsobestuur alle verkeersmaatregelen in Katwijk, terwijl Noordwijk daarin ondersteuning biedt. ,,We zijn er blij mee, maar de gemeenten ook. Zij profiteren van de promotie van de badplaatsen’’, aldus Ravensbergen. Hij wijst naar niet-sierteeltbedrijven zoals autodealers, maar ook bouw- en softwarebedrijven die de Flower Parade steunen. Daarvan is een deel van het klantenbestand sierteeltgerelateerd. Zolang de sierteelt in Rijnsburg aanwezig is én er bestuurders zijn zoals hijzelf, van december tot het corso heeft hij een halve dagtaak aan het corso, ziet hij de toekomst van de Flower Parade zonnig in. Waarom? ,,Het hoort bij de identiteit van Rijnsburg en maakt onderdeel uit van de hele feestweek. Het is ook een evenement met al die bloemen waar je vrolijk van wordt. Afgelopen weekeinde was het 78ste bloemencorso. Zonder gekke dingen halen we de honderd gemakkelijk.’’

Muziekinstrument

De bedrijvigheid in de sierteelt is ook voor andere clubs van belang. Zo heeft de Floraband zo’n 35 sponsoren op de site staan waarvan een derde uit het sierteeltcomplex. De sponsorgelden worden vooral besteed aan de Show & Marchingband Jong Flora. Mathijs Swagers: ,,Leden van de Jong Flora Band krijgen een instrument, een muzikale opleiding en later een uniform. Daarvoor zetten we vooral het sponsorgeld in. Zonder sponsoren, waarvan bijna de helft terug te leiden is naar de sierteelt, wordt dat heel moeilijk. Voor de Jong Flora Band maar ook voor de rest van de vereniging. De Jong Floraband is toch onze kweekvijver.’’

Ook DWS, de christelijke gym- en dansvereniging, telt veel bloemenbedrijven onder de sponsoren. Deze meer dan honderd jaar oude vereniging organiseert jaarlijks met sponsorgelden een eindshow. Michelle Scholte van DWS schat dat ongeveer 40 procent van de sponsorgelden van sierteeltbedrijven afkomstig is. ,,Veel van de ouders van de kinderen van onze vereniging werken of zijn eigenaar van bedrijven in de sierteelt.’’ Korfbalvereniging Madjoe denkt wat minder te profiteren van de sponsoring van sierteeltbedrijven. Volgens Leo van der Zwan, bestuurslid commerciële zaken, gaat het om 12 procent van het sponsorbudget. Dat de korfballers minder interessant zijn voor de sierteeltsector komt wellicht door de ’grote buurman’ Rijnsburgse Boys die veel groene sponsoring aantrekt, denkt hij. ,,Wij moeten het toch meer hebben van sponsoren en hun relaties die al langer de korfbalfamilie ondersteunen.’’

Sponsors aan het woord

Een reclamebord, vermelding op de website, toegangskaarten tot wedstrijden of een praalwagen. Bedrijven krijgen voor hun sponsoring veelal naamsvermelding terug. Steken ze daarom hun geld in het lokale verenigingsleven?

Carrosseriebedrijf Theo Mulder: Rijnsburgse Boys, vijf andere voetbalverenigingen, de Oranjevereniging, de tennisclub en de gymnastiekvereniging.
Directeur Peter Mulder: ,,Als de bedrijven geen geld geven, verdwijnt er heel veel uit het dorp. Vandaar dat wij veel clubs steunen. Maar ik denk niet dat ik hierdoor ooit een bak meer heb verkocht.’’

Van Egmond Lisianthus: sponsor Oranjevereniging en Rijnsburgse Boys.
Directeur José van Egmond: ,,Je doet wat voor de goegemeente. En de familie houdt van voetbal.’’

Van der Slot Transport: sponsor Rijnsburgse Boys, Quick Boys, VVSB maar ook de TVM Foundation voor kleinere verenigingen. Biedt ook onderdak aan een carnavalsvereniging, de Oranjevereniging, de NSL en de Kolibri. ,,Ik vind verenigingen in de dorpen, waar onze democratie zit, belangrijk. Zij zorgen voor saamhorigheid en respect voor elkaar. Dat is belangrijk voor onze maatschappij en vormt de basis voor onze democratie. Of het klanten oplevert? Dat denk ik niet.’’

Van der Plas Group: hoofdsponsor VV Katwijk en Quick Boys en sponsor Rijnsburgse Boys.
Directeur Wim van der Plas: ,,Commercieel levert dat niks op maar maatschappelijk wel. Veel medewerkers doen onbetaald vrijwilligerswerk bij verschillende verenigingen terwijl anderen graag naar wedstrijden gaan kijken. Het bedrijfsleven moet dus ook wat doen. Zo simpel is het voor ons als familiebedrijf.’’

Royal FloraHolland: sponsor Flowerparade, kindercorso en grootschalige paasviering. Vastgoedmanager Coen Meijeraan: ,,We zijn best groot en er rijden hier flink wat vrachtwagens van en naar het terrein. Daar mag best wat tegenover staan voor de Rijnsburgse gemeenschap. Buiten het geld dat wij aan de gemeentekas overmaken.’’

Serie

Dit verhaal maakt deel uit van een zevendelige serie over het sierteeltcomplex in Rijnsburg/Katwijk. De historie, de bedreigingen en de veranderingen maar ook de impact op de directe omgeving. Deze serie is mede mogelijk gemaakt door een bijdrage van de Kwaliteitsimpuls Zuid-Hollandse Journalistiek van de provincie Zuid-Holland. In het zevende verhaal het belang van de sierteelt voor de Rijnsburgse (en Katwijkse) samenleving.

Bron: Leidsch Dagblad (Roza van der Veer en beeld door Hielco Kuipers en Rob van Dulleman)

Hoeveel werkgelegenheid brengt de sierteeltsector Katwijk? ’Twintig procent is direct of indirect gelinkt’

,,Er is ooit een schatting geweest dat twintig procent van de werkgelegenheid in Katwijk direct of indirect is gelinkt aan de sierteeltsector’’, aldus Coen Meijeraan, manager Vastgoed van Royal FloraHolland. Die vijfduizend mensen werken behalve op de bloemenveiling zelf, bij 135 bedrijven (handel maar ook toeleveranciers). 124 bedrijven huren ruimte op het bedrijventerrein aan de Laan van Verhof.

Een derde van het terrein is verkocht aan vooral handelsbedrijven, zoals de vijf grote Rijnsburgse spelers als de Van der Plas Group, Heemskerk Flowers, Hoek, Vianen en L&M, de zogenaamde ’grote vijf’. Maar ook de lokale middenstand profiteert van de aanwezigheid van de sierteeltbedrijven. Niet alleen de bakker die aan de bedrijfskantine broodjes levert, maar ook de autodealer, de accountant en de webshopbouwer. In dit verhaal een kijkje bij vier bedrijven op en rond het Florapark.

’Praten is mijn hobby en ik verdien er geld mee’

Als de Nederlandse bloemen mondjesmaat worden aangeleverd, is het voor Thierry van Eijk uit Sassenheim hoogtij. Zijn verwerkingsbedrijf Flowers Green and Plants Handling, kortweg FGP Handling, regelt voor buitenlandse bloemenkwekers de aanvoer op Royal FloraHolland. In Rijnsburg, maar sinds januari 2024 ook in Naaldwijk.

Verwerking van buitenlandse bloemen betekent in feite dat de bloemen uit het buitenland worden ’uitgepakt’. De bloemen die deze vrijdagochtend op Deense karren uit Italië zijn aangekomen, worden allemaal uit de zwarte plastic emmertjes gehaald, geteld, gecontroleerd en vervolgens op de bekende witte fusten gezet. Die worden automatisch van stapels gehaald en met water, voorzien van voeding en wat chloor tegen de bacteriegroei, op een lopende band gezet. Daar zetten de medewerkers van Van Eijk de bloemen netjes in om vervolgens op veilingkarren klaar te zetten.

,,Dit zijn emmertjes, maar het kunnen ook dozen zijn die met het vliegtuig uit Israël, Kenia of Ecuador komen. Veel vracht komt aan op Luik waarna het vervolgens naar Rijnsburg wordt gereden. Wij maken vervolgens foto’s en de veilingbrieven en zorgen dat de bloemen worden verkocht’’, vertelt Van Eijk. ,,Deze bloemen gaan nu naar de koelcel, zodat ze maandag geveild kunnen worden.’’

De 52-jarige Sassenheimer werkt al twintig jaar in de verwerking van bloemen. ,,We willen de bloemen zo netjes mogelijk verwerken. En als er iets niet goed is dan heb ik gelijk contact met de kweker en geef advies. Weggooien is soms de beste oplossing, maar soms moeten de bloemen gewoon in de koelcel bijkomen. De kweker beslist maar 99 van 100 vertrouwen erop dat ik juist handel.’’

Hij wijst naar de geverfde salixen uit China die voor de ventilatoren moeten worden gezet. Of naar de takken Pig Face waarvan een deel beschimmeld is. De container is al besteld om ze weg te gooien.

Van Eijk begint elke ochtend om zes uur en vanaf dat tijdstip is hij bezig om alles te regelen voor zijn klanten. ,,Mooi toch? Praten is mijn hobby en daar verdien ik mijn geld mee. En ik ga elke dag met plezier naar mijn werk. Ook op zondag hoor want morgen komt er een vrachtwagen uit Frankrijk. Dan ga ik met collega’s rustig een paar uur aan de slag.’’

Nabijheid scheelt bloemenrijder tijd

De hallen van het Rijnsburgse bedrijf Theo Mulder BV staan vol met vrachtwagens in allerlei formaten. Van opleggers van zestien meter tot kleinere vrachtwagentjes waarmee je elke binnenstad kunt inrijden. Het meer dan honderd jaar oude bedrijf levert jaarlijks zo’n zestig tot tachtig carrosserieën af, waarvan zo’n zestig procent is bestemd voor bloemenbedrijven. Het bedrijf , met 65 vaste werknemers, bestond in 2013 honderd jaar. De overgrootvader van de huidige directeur Peter Mulder, Arend, begon in 1913 in hartje Rijnsburg als wagenmaker met de reparatie en bouw van boerenwagens en landbouwwerktuigen Later werden dat bloemenwagens zoals de bekende vrachtwagens met rolluiken. In de generaties daarna groeide het bedrijf uit tot het huidige carrosseriebedrijf.

Sinds 1981 worden aan de Laan van Verhof, op steenworp afstand van Royal FloraHolland en dus ook van alle bloemenbedrijven, carrosserieën gebouwd, maar ook onderhouden, hersteld bij schade, gespoten en voorzien van reclame. ,,En dat is zeker bij bloemenrijders niet zo gemakkelijk, want ze willen allemaal wat bijzonders’’, vertelt directeur Peter Mulder, terwijl hij een rondleiding door het bedrijf geeft.

In een van de hallen worden nieuwe chassis, het onderstel met wielen, motor en de cabine voor de bestuurder, voorzien van een carrosserie. ,,Je koopt een nieuw chassis bij de vrachtwagenfabriek, maar de carrosserie wordt apart gemaakt. Die tekenen we in ons bedrijf tot in detail uit. Lijnrijders willen vaak een zijdeur, zodat de klanten gemakkelijk in de vrachtwagen, een soort SRV-wagen, hun bloemen kunnen uitzoeken. Maar denk ook aan een wifi-punt, koeling, verwarming, trap en stopcontact. Alles wordt op maat gemaakt en elke wagen is apart’’, vertelt hij.

In de enorme spuitcabines krijgen de vrachtwagens hun kleurige uiterlijk, elders in het gebouw wordt de belettering en de illustraties gemaakt en aangebracht terwijl in een andere hal schades worden hersteld en carrosserieën worden onderhouden.

Zo’n zestig procent van de werkzaamheden is gelinkt aan de sierteeltsector. Toen de bedrijfslocatie in hartje Rijnsburg te klein werd, werd in 1981 bewust voor de Laan van Verhof gekozen. De carrosseriebouwer zat zo vlak bij de oude locatie van FloraHolland die vlak daarna ook naar de Laan van Verhof verhuisde. Directeur Mulder: ,,De chauffeurs hebben te maken met de rijtijdenwet en hebben geen tijd om hun vrachtwagen voor onderhoud of schadeherstel ver weg te brengen. Wij zitten hier lekker dichtbij veel bloemenbedrijven.’’

’Lijndienst en taxiservice sierteelt’

Bloemen hebben geen voetjes. Dus ze moeten van de kweker naar de koper worden gebracht. Dat is het werk van Van der Slot Transport uit Noordwijkerhout. Met tweehonderd ’koppen’ wordt dagelijks tussen de 5 en 6 procent van alle, op de veilingklok, gekochte bloemen en planten, naar de koper getransporteerd. Daarnaast gaan nog veel meer bloemen direct van de kweker naar de inkoper, de supermarkt, bouwmarkt of naar de veiling. Daarvoor zijn dagelijks 52 eigen vrachtwagens op de weg.

Eigenaar Alex van der Slot (57) is de derde generatie van het door opa Quirinus opgerichte vervoersbedrijf. Sinds FloraHolland in 1998 begon met het zogeheten Kopen Op Afstand (KOA) verzorgt het bedrijf een soort lijndienst voor bloemen tussen de drie vestigingen van FloraHolland, Rijnsburg, Naaldwijk en Aalsmeer. Daarnaast rijdt het bedrijf, onderdeel van de Koninklijke Van der Slot Groep, met bloemen door een groot deel van Nederland maar ook België en Duitsland. Dagelijks worden meer dan een miljoen partijen bloemen en planten vervoerd.

Van der Slot: ,,We zijn niet de grootste sierteelttransporteur, maar we streven ernaar de beste te zijn. We ontzorgen onze klanten onder meer door te controleren wat er voor het transport wordt aangeleverd. We zijn geen keurmeesters, maar we kijken naar lengte, de inhoud van het krat en zichtbare afwijkingen. Zo voorkom je dat een klant geld uitgeeft aan iets waar hij niets aan heeft.’’

Daarnaast probeert het bedrijf de vrachtwagens zo efficiënt mogelijk vol te laden. Dat scheelt in kosten, maar vooral ook in de uitstoot van CO2 per bloem. Daarbovenop is het vervoer in hoge mate gedigitaliseerd zodat de koper precies weet wanneer de bloemen precies arriveren.

De Noordwijkerhouter ziet het bloementransport veranderen. Door de toenemende regelgeving stoppen steeds meer kwekers, want ’de lol is eraf’. Ook loopt de aanvoer voor de klok langzaam terug, terwijl grote inkoopbedrijven voor een deel zelf het vervoer regelen. Maar somber over de toekomst is Van der Slot absoluut niet. Meer rechtstreeks vervoer van kweker naar inkoper is ook werk. ,,We zijn daarnaast hét taxibedrijf onder de sierteelttransporteurs. Uiteindelijk moet alle handel worden weggebracht.’’

’Het is allemaal gevoel’

Als klein ventje ging William Broekhof uit De Zilk al langs de deuren om bloemen te verkopen. En toen hij 18 was, ging hij aan de slag bij Jan de Groot. ,,Ik ging al jaren graag met ome Jan mee naar de veiling en dan mocht ik ook echt kopen. Ik moest die bloemen wél verkopen, dus ik heb weleens op een hoek op de markt een partij bloemen staan uitventen. Zo leer je het vak.’’ 

Inmiddels is Broekhof 41 jaar en verkoopt hij bloemen op acht markten in Nederland. ,,Niks mooier dan een klant die voor één bos bloemen komt en weggaat met voor 30 tot 40 euro bloemen. Met een glimlach.’’

Broekhof heeft een bloemenhandel met een dock in Rijnsburg en sinds vier jaar een gloednieuw bedrijfsgebouw op het Bulb Trade Park in Noordwijkerhout. Hij heeft vijf vaste werknemers plus personeel onder meer voor de verschillende markten. In Rijnsburg laadt hij zijn twee vrachtwagens en een bus vol. De bloemen worden vervolgens in Noordwijkerhout klaargezet voor zijn marktkramen, onder meer in Amersfoort en Spakenburg. Op dinsdag en donderdag worden er boeketten gemaakt.

Vier ochtenden in de week gaat hij in de vroege ochtenduren naar Rijnsburg om, voordat de veiling begint, de bloemen te schouwen. Een belangrijke klus in zijn ogen, want geen dag is hetzelfde en dus wil hij de handelswaar eerst zien. Daarna kruipt hij achter de computer om die bloemen te kopen waarvan hij denkt dat er vraag naar is.

Broekhof: ,,Nederlanders zijn heel erg seizoensgebonden en willen in het voorjaar tulpen, dan pioenrozen en vervolgens het zomerspul. Woensdag is onze graadmeter voor de handel op vrijdag en zaterdag. Maar uiteindelijk is het allemaal gevoel. Ik houd geen data bij of zoiets. Ik werk wekelijks al zes dagen van meer dan acht uur en ik wil ook mijn vrouw en drie kinderen nog eens zien.’’

Om dat gevoel met de klant te houden, staat hij zelf ook geregeld op de markt. In Amersfoort kent hij de klanten bij naam en ervaart hij de lol van het verkopen. ,,Ga je aan het einde van de zaterdag, want dan wil je leeg naar huis, stunten met de prijs of maak je aanbiedingen. Dat werk wil ik voor geen goud missen.’’

Serie

Dit verhaal maakt deel uit van een zevendelige serie over het sierteeltcomplex in Rijnsburg/Katwijk. De historie, de bedreigingen en de veranderingen maar ook de impact op de directe omgeving. Deze serie is mede mogelijk gemaakt door een bijdrage van de Kwaliteitsimpuls Zuid-Hollandse Journalistiek van de provincie Zuid-Holland. In het zesde verhaal de bedrijven rondom het sierteeltcomplex.

Bron: Leidsch Dagblad (Roza van der Veer en beeld door Hielco Kuipers)

Veldproef-ENS-PPS-Bollen-bodem-en-aaltjes

Nieuws en activiteiten vanuit de PPS Bollen, Bodem en Aaltjes

De eerste resultaten van de waardplantstatusproef met Paratrichodorus anemones die in 2024 in Ens is uitgevoerd, is beschikbaar (klik hier). Dit is nog geen officieel rapport en het delen van deze resultaten belangrijk, zodat het meegenomen kan worden bij de advisering van groenbemesters.

Dit jaar is er een vervolgproef ingezet om de combinatie van voorvrucht en aaltjesdichtheid op lelies te bestuderen. Op dinsdag 2 september 2025 zijn jullie uitgenodigd om de proef te komen bekijken. Aanmelden kan via deze link: https://forms.gle/sbfMjk3S6B77Yk3j9

Best4Soil

De Best4Soil website is aangepast met bollengewassen. Bij open dagen viel het de onderzoekers op dat de telers weinig bekend waren met de website van Best4Soil. Daarom hebben we een flyer gemaakt die bijvoorbeeld bij open dagen gedeeld kan worden met telers of andere geïnteresseerden.

Trainingsdag in Vredepeel op vrijdaga 31 oktober 2025

Op vrijdag 31 oktober van 9-16 uur wordt er een trainings-dag georganiseerd voor de adviseurs van CNB/ Agrifirm en FarmPlus. In Vredepeel liggen proeven met groenbemesters die in oktober interessant zijn om te bekijken. Daarnaast ligt er ook een langjarige ICM-veldproef van de PPS Akkerbouw op Zand (AoZ). Onkruidbestrijding is een knelpunt waaraan veel aandacht wordt besteed. De AoZ aanpak is ook relevant voor de lelieteelt op de dekzandgronden. Vanwege de link met de lelieteelt organiseren we deze dag te Vredepeel. 

De volgende thema’s worden behandeld:

Thema 1: Resultaten PPS: resultaten aaltjesproeven en witte vlekken, BKP en samenwerken
Thema 2: PPS groenbemesters (bezoek proefveld)
Thema 3: ICM aanpak op de dekzandgronden (bezoek proefveld PPS Akkerbouw op Zand)
Thema 4: Onkruidbeheersing eruit gelicht.

Agenda 2025

Augustus29 augustus ROL Open Dag Lelie
September2 september Kijkmoment veldproef EnsRapport data delen 
OktoberRapport samenwerkingRapport praktijkervaring inundatieRapport resultaten inundatieproevenRapport effect inundatie op schadelijk en gunstig bodemleven31 oktober Trainingsdag adviseurs
November6 november Stuurgroep overleg
  
DecemberRapport veldproeven beheersmaatregelen P. anemones
Januari/februariRapport bodemkwaliteitsplan – Workshops voor telers