meld-je-aan-voor-tuinbouw-ondernemersprijs-greenport

Provinciale Tuinbouwvisie 2050 onderstreept belang van samenwerking in de Bollenstreek

Voor de Bollenstreek betekent dit dat de sector verder moet werken aan weerbaar telen, slimmer watergebruik, minder milieubelasting en een toekomstbestendig verdienmodel. De visie benadrukt dat deze opgaven niet door individuele ondernemers of overheden alleen kunnen worden opgelost. Juist gebiedsgerichte samenwerking is nodig om de economische kracht van de bollensector te verbinden met een gezonde leefomgeving.

Greenport Duin- en Bollenstreek als verbindende kracht

Daarbij wordt de Greenport Duin- en Bollenstreek nadrukkelijk gepositioneerd als het brandpunt van de samenwerking tussen overheden, sector, kennispartners en andere betrokken partijen in de regio. Vanuit die rol kan de Greenport partijen verbinden, gezamenlijke opgaven agenderen en projecten aanjagen die bijdragen aan een sterke en duurzame Bollenstreek. Lopende initiatieven, zoals de Regio Deal Sierteeltregio, de inzet op waterkwaliteit en de ontwikkeling van een zoetwaterstrategie, sluiten hier goed op aan.

Duidelijk opdracht en kans

De Tuinbouwvisie 2050 is geen directe beleidswijziging, maar vormt wel een belangrijk vertrekpunt voor toekomstig provinciaal beleid. Voor de Bollenstreek ligt er daarmee een duidelijke opdracht én kans: samen werken aan een bollensector die ook in 2050 economisch vitaal is, past binnen de grenzen van water, bodem en natuur, en verbonden blijft met de streek waarin zij diep geworteld is.

Document Waarde van Tuinbouw | Tuinbouw van Waarde – Visie 2050

Bekijk hier het volledige bestand.

demodag-dahlia-keukenhof-greenport-ondernemers-in-the-lead

Praktijkdemo onkruidbeheersing in de dahlia’s trekt ruim 50 bezoekers

Onkruidbeheersing is een belangrijk thema binnen de bloembollensector. Gewasbeschermingsmiddelen spelen hierin nog altijd een grote rol, maar bij de verdere verduurzaming van de teelt is het verlagen van de milieu-impact een belangrijke opgave. Uit gesprekken met kwekers blijkt dat dit vraagt om een gewasspecifieke aanpak, waarbij een combinatie van maatregelen, machines en teeltmethoden nodig is.

Bij de tulpen en lelies zijn dit voorjaar praktijkdemo’s georganiseerd door Ondernemers in de Lead. Een groep dahliakwekers heeft de koppen bij elkaar gestoken om ook in de dahlia’s kennis te delen en gezamenlijk verder te komen. Dit resulteerde in een praktijkdemonstratie van een tiental systemen die kunnen bijdragen aan een duurzamere vorm van onkruidbeheersing. Tijdens de demo werden onder meer precisie-eggen, schoffelmachines (ook met luchtnorzels), padenschoffels, een laserweeder en spotsprayer in actie gezien.

De praktijkdemo was niet alleen een geslaagde bijeenkomst, maar vooral ook een veelbelovende start. De dahliakwekers komen binnenkort opnieuw bij elkaar om de vervolgstappen te bespreken. Doel is om in het voorjaar van 2027 een grootschaliger en gestructureerd vervolg te geven aan deze eerste demonstratie met Keukenhof en de Greenport.

Dank aan Fa. Bisschops en Fa. M.H. van der Zon & Zn voor het beschikbaar stellen van hun percelen voor de demonstraties. Ook de koelkast van De Tulperij bleek op deze zomerse dag van onschatbare waarde.

demodag-dahlia-keukenhof-greenport-ondernemers-in-the-lead
demoveld-inloopavond-greenport

Woensdag 20 mei: lnloopavond Demoveld Bollenstreek

Bezoekers horen die avond meer over de laatste ontwikkelingen op het veld en kunnen in gesprek met bollenteler Henk Verdegaal, coördinator van het demoveld en onderzoeker Anne Marie van Dam. Zij doet samen met studenten van de HAS green academy onderzoek op het demoveld.

Speciaal inloopmoment voor bewoners

Op het demoveld wordt gewerkt aan een bollenteelt zonder of met minder chemische middelen en meer aandacht voor biodiversiteit, bodemgezondheid en waterkwaliteit. Tijdens het inloopmoment krijgen geïnteresseerden uitleg over de innovaties die momenteel in de praktijk worden getest.

Meer biodiversiteit en minder chemie

Zo zijn op het veld bloemenmengsels aangelegd die natuurlijke vijanden van plaaginsecten aantrekken. Daarvoor is er ook een gemengde haag, die de biodiversiteit op het veld verhoogt. Ook wordt geëxperimenteerd met bollenteelt op ruggen, met mechanische onkruidbestrijding.

Innovaties in de praktijk

Daarnaast kunnen bezoekers kennismaken met nieuwe technieken zoals druppelfertigatie bij hyacintenteelt op ruggen. Via speciale slangen in de bodem krijgen planten gericht water en voeding toegediend. Studenten van de HAS green academy doen op het veld onderzoek naar onder meer biodiversiteit en het temperatuurverloop in de ruggen tijdens koude periodes.

Onderzoek en praktijk komen samen

Het demoveld is bedoeld als een plek om te leren, te onderzoeken en te ervaren. Een praktijklocatie waar nieuwe inzichten worden getest. Daarbij wordt gekeken naar onder meer opbrengst, bodemkwaliteit en insecten. Er is een nauwe link met het initiatief Regiocertificering, waarin telers gezamenlijk werken aan een verdere verduurzaming in de sector.

De kennis uit het demoveld, studentenonderzoek en Regiocertificering komt samen in het Kennisplatform Duurzame Bollenstreek. Dit project wordt mogelijk gemaakt met financiering van de Europese Unie en provincie Zuid-Holland.

Aanmelden

Aanmelden is momenteel niet meer mogelijk. Door de grote belangstelling hebben wij woensdagavond twee momenten ingepland en deze zitten vol. Heeft u interesse in een bezoek aan het veld? Laat uw gegevens dan achter bij eva@greenportdb.nl en schrijf u via demoveldbollenstreek.nl in voor berichtgeving over het veld. 

(Het inloopmoment biedt bewoners de kans om van dichtbij te zien wat er gebeurt op het veld en vragen te stellen over de verschillende teeltmethoden en onderzoeken. Meer informatie is te vinden op demoveldbollenstreek.nl. Geïnteresseerden worden gevraagd zich vooraf aan te melden, dat kan via dit formulier. En om zoveel mogelijk op de fiets te komen. In verband met de persoonlijke aandacht die we willen geven, kunnen we maximaal 40 mensen ontvangen. Bij veel belangstelling wordt een extra moment ingepland.)

Het Demoveld Bollenstreek wordt mogelijk gemaakt met financiering van:

Regio Deal Sierteeltregio: 2,4 miljoen voor projecten

Drie programmalijnen

De projecten zijn afkomstig uit de drie programmalijnen van de Regio Deal en richten zich op een gezonde en vitale leefomgeving, een duurzame en veerkrachtige arbeidsmarkt, en het verbeteren van de positie van internationale medewerkers.

Programmalijn 1: Verbeteren water- en bodemkwaliteit, innovatie en verduurzaming

Zo wordt binnen programmalijn 1 gewerkt aan het project Remote Sensing for Floriculture, waarin drones, sensoren en kunstmatige intelligentie worden ingezet om ziekten in gewassen vroegtijdig te herkennen en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen te verminderen.

Programmalijn 2: Regionale arbeidsmarkt en leer-en werkomgeving

Binnen programmalijn 2 wordt onder meer gewerkt aan de Green Campus, een regionaal knooppunt waar ondernemers, onderwijs en onderzoekers samenwerken aan innovatie, praktijkgericht onderzoek en talentontwikkeling in de sierteelt.

Programmalijn 3: Verbeteren van de positie van arbeidsmigranten en versterken regionale samenwerking

Binnen programmalijn 3 start het project ‘Goed voorbeeld doet goed volgen’. Dit project richt zich op het vergroten van bewustwording bij ondernemers over de risico’s van arbeidsuitbuiting en biedt praktische ondersteuning om misstanden te voorkomen en aan te pakken.

Robbert-Jan van Duijn, voorzitter stuurgroep Regio Deal Sierteeltregio:

“Met deze eerste projecten laten we zien waar de Regio Deal voor staat: samen bouwen aan een toekomstbestendige en leefbare sierteeltregio. Het is mooi om te zien dat zoveel partijen zich hiervoor inzetten en dat goede ideeën nu daadwerkelijk uitgevoerd kunnen worden.”

Mark Boerée, programmamanager Regio Deal Sierteeltregio:

“De kracht van de Regio Deal zit in de samenwerking tussen overheden, ondernemers, onderwijs en kennisinstellingen. Met deze eerste projecten zetten we concrete stappen richting innovatie, verduurzaming en een gezonde leefomgeving in de sierteeltregio.”

De geselecteerde projecten

Programmalijn 1 Gezonde en vitale leefomgeving

  • Remote Sensing for Floriculture
  • Kwekerij 3.0
  • Telen met de natuur in de boomkwekerij
  • Netcongestie mitigatie Boskoop
  • Vervolgonderzoek circulaire watervoorziening Boskoop
  • Onderzoek calamiteitenberging Middelburg-Tempelpolder.

Programmalijn 2 Duurzame en veerkrachtige arbeidsmarkt

  • Green Campus
  • Human Capital Platform (Triple Helix)
  • Modern werkgeverschap
  • Structurele LLO-ontwikkeling
  • Taal & Skills
  • Beter benutten leerpaden.

Programmalijn 3 – Gezonde leefomgeving en positie arbeidsmigranten

  • Goed voorbeeld doet goed volgen.

Betrokkenheid Greenport Duin- en Bollenstreek

Greenport Duin- en Bollenstreek is als aanvrager of projectpartner bij alle projecten van Programmalijn 2 betrokken. De komende drie jaar zal een scala aan projecten en activiteiten uitgevoerd worden. Daarmee kunnen we een boost geven aan scholing en een veerkrachtige arbeidsmarkt in de Bollenstreek!

Over de Regio Deal Sierteeltregio

De Regio Deal Sierteeltregio is een gezamenlijke investering van Rijk en regio (elk 10 miljoen). De deal wordt uitgevoerd door veertien gemeenten, de provincies Noord-Holland en Zuid-Holland, de Greenports Boskoop, Aalsmeer en Duin- en Bollenstreek, de Economic Boards Alphen aan den Rijn en Duin- en Bollenstreek en onderwijs- en kennisinstellingen Yuverta, mboRijnland, Resilient Delta initiative en ACCEZ.

De Regio Deal Sierteeltregio loopt tot 31 december 2029 en is bedoeld om een duurzame impuls met blijvende effecten te geven aan de regionale ontwikkeling. Voor dit jaar is nog 2,7 miljoen euro beschikbaar voor projecten die bijdragen aan een toekomstbestendige sierteeltregio. Op www.regiodealsierteelt.nl is meer informatie te vinden over de Regio Deal.

(Bron: Regio Deal Sierteeltregio)

Remote-Sensing-Ondernemers-in-de-Lead-Keukenhof-Unmanned-Valley-Greenport-Duin-en-Bollenstreek

Slotbijeenkomst Remote Sensing for Floriculture (RS4F)

In goed bezochte bijeenkomst bij Unmanned Valley gaf Tamme van der Wal (van Aerovision) een overzicht van de ontwikkelingen. Door verschillende lagen van data op elkaar te leggen ontstaat een beeld van de bemesting, de groei en de te verwachte oogst van broccoli op een perceel. Maar ook: hoe kom je tot een gesloten systeem: van herkenning tot handelingen (via een taakkaart op een werktuig) naar terugkoppeling (wat heb ik dan aan bemesting gegeven of aan onkruid weggehaald?) en wat is het effect ervan?

Resultaten RS4F

Walter Kort (van Unmanned Valley) deelde de resultaten van RS2 . Botrytisherkenning (en voorspelling) is nog niet mogelijk. Wat wel duidelijk is geworden: dat de combinatie van sensoren (bladvochtigheid, windrichting) en drone- en spacetechnologie een logische is. En in de tussentijd is ook duidelijk geworden dat een aantal telers staat te popelen om nieuwe technologie toe te passen, maar het werken ermee begeleiding nodig heeft door een onafhankelijke partij en daarbij nieuwe manieren van leren en innoveren. 

Samenwerking

Deze slotbijeenkomst hebben we gecombineerd met Ondernemers in de Lead van Keukenhof. In de groepsdiscussies hebben we opgehaald welke behoeften er zijn om verder te kunnen gaan met nieuwe technologie. Dit wordt de komende tijd verwerkt. De eerste indruk: vooral de behoefte om hier praktijkgericht mee aan de slag te gaan op de bedrijven. Het was een avond met nieuwe verbindingen, veel vragen en dus ook betrokkenheid.

Partners trokken samen op

Deze avond is mogelijk gemaakt door NL Space Campus, Economic Board Duin- en Bollenstreek (EBDB – die het project financierde), Ondernemers in de Lead, Unmanned Valley (UMV) en Greenport Duin- en Bollenstreek.

Goedgekeurd in RegioDeal

De aanvraag Remote Sensing die door de RegioDeal is goedgekeurd, is ingediend door EBDB, UMV en NL Space Campus. Dus zonder Keukenhof en Greenport Duin- en Bollenstreek. Remote Sensing gaat nu door met de ziekteherkenning en governance vraagstukken (van wie is de data etc). Keukenhof en Greenport Duin- en Bollenstreek willen daarnaast een initiatief opzetten met een ‘klasje’ van telers die worstelen met de vraag ‘Ik heb een drone en nu?’.

“Met Regiocertificering maken kwekers duurzame bollenteelt aantoonbaar”

Volgens Mulder zit daar precies de meerwaarde. “Het geeft een methodiek om inzichtelijk te maken waar je staat als bedrijf. Daarmee kun je richting omgeving en overheid onderbouwen dat je werkt aan een duurzame bollenteelt, met een economisch en ecologisch verantwoorde impact. Die balans is cruciaal en zorgt voor draagvlak.”

Advies aan de keukentafel, met data als basis

Als teeltadviseur speelt Mulder een directe rol in dat proces. “Het gebeurt aan de keukentafel. Samen kijken we naar de kritische prestatie-indicatoren (KPI’s): waar sta je, waar zitten de knelpunten en waar kun je verbeteren?” Die KPI’s – bijvoorbeeld op het gebied van milieubelastingspunten en het gebruik van probleemstoffen – vormen de basis voor het advies. “Zo kijken we concreet naar bemesting en de voorgenomen bespuitingen: wat kan slimmer en met minimale impact op de omgeving?” “De basis daarvoor is data vanuit de teeltregistratie”, vervolgt Mulder. “Binnen Regiocertificering wordt de teeltregistratie opgehaald en vertaald naar KPI’s. Ongeveer 60 procent van de deelnemende kwekers werkt met ons teeltregistratiesysteem GMN Crop. We kijken nu samen met Schuttelaar & Partners hoe we dit systeem kunnen koppelen aan Farmmaps, zodat dataverzameling efficiënter wordt en minder tijd kost. Via Farmmaps kunnen de KPI’s vervolgens automatisch berekend worden.” De onderbouwing voor de adviezen komt onder andere uit praktijkonderzoek. “Zo doen we op de proeftuin van het Expertisecentrum Bloembollenteelt in Breezand onderzoek naar de inzet van biostimulanten en gewasbeschermingsmiddelen met een groen profiel. Die kennis nemen we mee naar de kweker. Want soms kun je met een ander middel hetzelfde resultaat bereiken, maar met minder impact op de omgeving, dus minder milieubelasting.”

Meer bewustwording, andere keuzes

Regiocertificering zorgt voor verandering in de praktijk. “Ik merk dat kwekers bewuster keuzes maken”, zegt Mulder. “Denk aan het gebruik van grovere spuitdoppen om pendimethalin te spuiten of het vervangen van een probleemstof die in het water wordt gevonden door een geschikt alternatief.” Ook bij ziektebestrijding verschuift het denken. “Zo wordt bij vuurbestrijding het middelenpakket steeds kleiner. Dan ga je actief op zoek naar alternatieven die minder belastend zijn voor het milieu, zonder dat je inlevert op resultaat.”

“Het zijn soms echt kleine aanpassingen met een groot effect”



Samenwerken aan één lijn

Binnen Regiocertificering overleggen teeltadviseurs van Agrifirm-GMN en Delphy onder meer over gezamenlijke adviesrichtlijnen. “Die zorgen ervoor dat we op specifieke onderwerpen en KPI’s vanuit dezelfde uitgangspunten adviseren”, legt Mulder uit. Die richtlijnen worden regelmatig aangescherpt. “Op basis van nieuwe inzichten kijken we wat werkt en wat niet. En hoe we ervoor zorgen dat maatregelen ook echt uitvoerbaar zijn in de praktijk.” Praktische tips spelen daarin een belangrijke rol. “Bijvoorbeeld: gebruik voor toepassing van bodemherbiciden in de winter een grovere spuitdop dan voor de gewasverzorging in het voorjaar. Of kijk in hyacint, narcis of bijgoed of je gebruik kunt maken van bodemherbiciden zonder pendimethalin. Het zijn soms echt kleine aanpassingen, met een groot effect.’’

Hardnekkige uitdagingen blijven

Tegelijkertijd zijn er nog knelpunten. “Voor sommige teelten zijn we echt afhankelijk van bepaalde middelen zoals pendimethalin. Daarvoor is met name in de tulpenteelt geen goed alternatief.” Om deze middelen te behouden, blijft emissie een groot aandachtspunt. “We moeten alles op alles zetten om te voorkomen dat middelen in het water terechtkomen door zo zorgvuldig mogelijk te werken.” Die zorgvuldigheid zit vaak in praktische keuzes op het erf en in het veld, van spuittechniek tot driftbeperking, zoals Agrifirm recent toelichtte in een artikel met tips uit de praktijk.

Van meten naar sturen

De komende jaren moeten laten zien dat de aanpak van Regiocertificering werkt. “We moeten kunnen aantonen dat de milieubelasting daalt en dat we minder probleemstoffen in het water terugzien.” Daarmee sluit Regiocertificering aan op een bredere ontwikkeling richting doelsturing. “Kwekers willen zelf aan de knoppen zitten. Deze aanpak helpt om dat onderbouwd te doen, gericht toe te werken naar een doel, met data als basis.”

Foto: Robert Waasdorp