In de Spiegel: Peter Lindaard

In de Spiegel is de rubriek van Flower Science waarin iemand uit de bloemensector in de spiegel kijkt. Aan het woord Peter Lindaard, bemiddelaar in bloembollen bij FBT én de nieuwe coördinator van de campagne ‘Enjoy The Flowers’.

Als je in de spiegel kijkt, wat voor soort ondernemer zie je dan?

Dan zie ik een mensen-mens. In ben een paar jaar geleden voor mezelf begonnen en ik werk nu als zelfstandig bemiddelaar in bloembollen aangesloten bij FBT. Ik ben geen keiharde ondernemer. Ik kom graag met mijn klanten in contact, dus ik ben veel onderweg en ik loop graag een rondje door de schuur of over het land. Het gaat mij niet alleen om het briefje met de verkoopovereenkomst. Mijn doel is dat beide partijen tevreden zijn.

Wat is je CORE business de komende periode?

Komende periode wordt een bijzondere periode. Naast mijn werk als bemiddelaar ga ik als coördinator aan de gang voor het campagneteam ‘Enjoy the Flowers’. Je zou mij de ‘matchmaker’ kunnen noemen tussen de bollenkwekers en de vrijwillige ambassadeurs. Ik ga ervoor zorgen dat de juiste mensen worden ingezet op het goede moment op de beste locatie. Vorig jaar is de campagne geïntroduceerd. Het was een geweldige start met veel publiciteit. Veel mensen uit de bollensector zijn hier enorm trots op. Maar ook hebben we de eerste dingen geleerd. Dit jaar willen we nog beter kijken naar de meest voorkomende toeristenroutes: welke velden staan in bloei? Waar verwachten we de meeste toeristen? Hoeveel ambassadeurs zijn er waar nodig? Door mijn werk heb ik de streek al aardig in beeld. Daarnaast is het de bedoeling dat bollenkwekers mij actief gaan benaderen om wensen en verzoeken in te dienen.

Waarom is ‘Enjoy The Flowers’ een goed initiatief?

De Bollenstreek is in de lente op zijn mooist. Steeds meer mensen weten dat. De internationale toerist komt niet alleen massaal naar Keukenhof, ze willen ook allemaal nog even de velden in voor DE foto! Ze willen het allermooiste plaatje schieten. Van hun gezin, vriend, vriendin en de laatste jaren natuurlijk vooral van zichzelf. Sinds het selfietijdperk zijn mensen een stuk brutaler geworden. Ze lopen of rennen door het veld en trappen ongemerkt de bloemen en daarmee de bollen kapot. Toeristenbussen droppen hun mensen gerust bij een veld om ze een half uurtje te laten fotograferen. Veel toeristen weten echter niet dat dit bollenland van een bollenkweker is die hier zijn geld mee verdient. Ook weten ze niet dat ze zich op privé terrein bevinden.

De bollensector is al een tijdje op zoek naar de juiste oplossing. Enerzijds zijn we natuurlijk hartstikke blij met alle toenemende aandacht. De foto’s die gemaakt worden gaan de hele wereld over en dat is gratis promotie voor onze prachtige product. Maar dat ‘gratis’ is voor veel gedupeerde kwekers dus relatief. Niemand wil naar het doemscenario waarbij de streek verandert in een onvriendelijke plek waar bloemenvelden omhekt zijn met prikkeldraad of kuubkisten. Met deze campagne hebben we een ‘lieve manier’ gevonden om een groot deel van de toeristen uit de velden te houden. Gedurende zes weken plaatsen wij een grote groep vrijwillige ambassadeurs bij drukke bloeiende bollenvelden. Ze staan hier om voorlichting te geven aan toeristen en aanwijzingen te geven waar ze wel en niet mogen fotograferen. En uiteraard vertellen zij het verhaal van de kweker en de bol. Mensen krijgen hierdoor begrip. Heel vaak denken toeristen dat Keukenhof deze bloemenvelden speciaal voor toeristen heeft geplant. Of ze gaan ervanuit dat de bloemen hier natuurlijk groeien. Genoeg noodzaak dus om campagne te voeren, ik heb er zin in.

Hoe hoop je dat het toerisme versus de bollenteelt er over vijf jaar uitziet?

Ik hoop dat we over vijf jaar nog steeds heel veel toeristen mogen ontvangen in deze streek. Misschien zelfs meer. Maar wel op een manier die bij de bollenkweker en de streek past. Komende jaren zal een en ander zich verder ontwikkelen. Ook de campagne moeten verder groeien. Je ziet steeds meer initiatieven van bollenkwekers die extra activiteiten organiseren. Vaak leuke en commerciële initiatieven waar ze geld mee verdienen. En waarom niet? De toeristen smullen ervan. Het verhaal van de bol en de bloem zal steeds bekender worden en de toerist zal steeds meer begrip krijgen voor de bollenkweker. Sterker nog, de toerist zal meer willen weten. Want het is een interessanter en charmanter verhaal dan alleen het veld met bloemen.

Zoek je nog ambassadeurs?

Jazeker. We hebben nu 49 ambassadeurs en we willen er 100 of meer! Wij zijn op zoek naar enthousiaste mensen: mannen, vrouwen, jong en oud die het leuk vinden om in gesprek te gaan met de toerist. Je hoeft echt geen zes weken lang paraat te zijn, maar we vragen ze ten minste vier keer te komen maar minder mag natuurlijk ook. De dagen zijn van vrijdag t/m maandag met name in de weekenden van april. We gaan alle ambassadeurs uitleggen wat de bedoeling is en wat ze kunnen verwachten. Iedereen krijgt een minicollege ‘De bollenteelt in een notendop’ zodat de ambassadeurs goed beslagen ten ijs komen. Ook geven we tips over hoe je mensen het beste aan kunt spreken. Engels spreken is een pré, maar zeker niet verplicht. Met handen en voeten blijken veel ambassadeurs een heel eind te komen. Ik heb al veel ambassadeurs van vorig jaar gesproken. Zij vonden het een geweldige ervaring om een paar dagen tussen de bloeiende velden te staan, hun streek te mogen vertegenwoordigen en leuke gesprekken te hebben met toeristen. Geïnteresseerden kunnen zich melden bij peter@flowerscience.nl.

Waar kennen mensen je nog meer van?

Ik ben een echte bollenstreker. Ik woon in Lisse en ben hier in het verleden onder andere bestuurlijk actief geweest bij de basketbal- en zwemvereniging. Nu ben ik al een paar jaar actief betrokken bij het Bloemencorso. Ik begeleid samen met Ted Kortekaas het koppen van hyacinten die gebruikt worden voor de praalwagens. Wij speuren naar de beste hyacinten-velden en begeleiden de teams die de velden ingaan om te koppen. Mijn vader was ook actief in de bollen. Toen ik van school kwam wilde ik echter wat anders gaan doen, zo ben ik eerst verwarmingsmonteur geworden. Toch kruipt het bloed waar het niet gaan kan en ben ik na een paar jaar overgestapt richting de bollen. Ik heb heel wat jaren gewerkt als schuurbaas bij verschillende exporteurs in de streek. Op mijn 51e besloot ik voor mezelf te gaan werken en daar heb ik nu, acht jaar later, nog steeds geen spijt van. Ik bepaal in deze periode mijn eigen agenda en ik kan dan ook wat tijd inplannen voor andere zaken, wat weer uitermate goed is te combineren met mijn werkzaamheden als bemiddelaar. Ik ben bijvoorbeeld trotse opa van vier kleinkinderen en nummer vijf is op komst.

In de Spiegel: Peter Lindaard